Eerste Kamer wil tweede ronde vragen over huwelijksvermogensrecht

De Eerste Kamer heeft besloten opnieuw te kijken naar het wetsvoorstel dat wijziging van het huwelijksvermogensrecht regelt. Met het wetsvoorstel huwelijksvermogensrecht willen D66, PvdA en VVD de wettelijke gemeenschap van goederen beperken tot dat wat beide echtgenoten tijdens hun huwelijk verwerven. Dit voorstel werd door de Tweede Kamer in april 2016 aangenomen. Na de gebruikelijke eerste schriftelijke ronde in de Eerste Kamer volgde de reactie van de initiatiefnemers hierop. In veel gevallen is één ronde vragen voldoende en wordt daarna besloten tot plenaire behandeling. In dit geval gaven de senatoren aan nog een tweede schriftelijke vragenronde te willen. Waarschijnlijk omdat de reactie van de initiatiefnemers op sommige punten nog vragen open liet. Bron:...

Wet doorberekening kosten tucht en toezicht aangenomen door Eerste Kamer

De Eerste Kamer heeft het wetsvoorstel doorberekening kosten tucht en toezicht aangenomen. De wet zou in 2017 ingaan, maar door een interventie van het CDA in de Eerste Kamer gaat de wet pas op 1 januari 2018 in. Het CDA benadrukte dat de doorberekening van de kosten voor tucht en toezicht uitvoeringsproblemen geeft bij het notariaat. Door het uitstellen van de wet is de kans groot dat de wet over een garantiefonds dan ook is aangenomen. Heffing zoals in de reisbrancheHet doorberekenen van de kosten voor tucht en toezicht kost het notariaat naar verwachting 4,7 miljoen euro per jaar. Het garantiefonds zorgt ervoor dat die 4,7 miljoen euro niet hoeft te worden betaald door de notaris, maar via een heffing op elke akte wordt doorberekend aan de klant. De heffing is te vergelijken met de bijdrage die wordt betaald voor het garantiefonds reisgelden (SGR) bij het boeken van een reis. Zwevende protocollenDe KNB is al jaren in gesprek met het ministerie van Veiligheid en Justitie over een garantiefonds. Met het fonds kunnen de kosten van het opschonen, tijdelijk archiveren en verzekeren van een zogenoemd zwevend protocol worden gedekt. Als een notaris overlijdt of failliet gaat, wordt een dossier met akten (het protocol) namelijk onbeheerd achtergelaten. De notaris die het protocol overneemt, betaalt zelf de kosten die horen bij de overname van een protocol van een collega. Verzekeraars willen zwevende protocollen niet altijd opnieuw verzekeren tegen aansprakelijkheid, omdat het protocol mogelijk besmet is met verborgen schadeclaims. Bron:...

'Scheid werkzaamheden beëdigd mediator van andere beroepsactiviteiten'

De werkzaamheden van een notaris als beëdigend mediator moeten worden  gescheiden van zijn notariële functie. De notariële tuchtrechter moet niet oordelen over het handelen van een notaris als mediator. Dit laten de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB) en de Vereniging van Mediatiors in het notariaat (VMN) minister Ard van der Steur van Veiligheid en Justitie weten over het concept wetsvoorstel mediation. KNB en VMN geven de minister in overweging de afbakening van bevoegdheden van de twee tuchtrechters te regelen. De KNB en VMN ondersteunen het wetsvoorstel om mediation als manier van geschiloplossing te verankeren in het Nederlandse rechtssysteem. De voorgestelde maatregelen zullen volgens KNB en VMN leiden tot een betere inbedding van mediation in ons rechtssysteem en ontlasten de rechtspraak. Wel hebben de organisaties nog wat opmerkingen. TuchtrechtspraakKNB en VMN zijn van mening dat moet worden voorkomen dat de notariële tuchtrechter oordeelt over het handelen van een notaris als mediator. Dat past volgens de organisaties bij het uitgangspunt van het wetsvoorstel dat de werkzaamheden van de beëdigd mediator scherp gescheiden moeten worden van zijn andere beroepsactiviteiten. Uitsluitend de Raad voor de tuchtrechtspraak beëdigd mediators moet kunnen oordelen over het handelen van de beëdigd mediator, welk ander ambt of beroep die ook mocht bekleden of beoefenen. De notariële tuchtrechter is niet toegerust om het handelen van de mediator te beoordelen. Ook moet worden voorkomen dat er door verschillende tuchtrechters verschillende normen worden ontwikkeld voor de mediator. KNB en VMN geven de minister dan ook in overweging de afbakening van bevoegdheden van de verschillende tuchtrechters te regelen. NaamvoeringEen kantoor met meer dan een bestuurder mag alleen in de naamgeving de titel ‘beëdigd mediator’ voeren...

Ondernemingsrecht Snelrecht: Turboliquidatie getorpedeerd

Een ondernemer die voorziet dat zijn vennootschap onder haar schuldenlast bezwijkt, zoekt soms een uitweg om zijn bedrijf zonder die ‘ballast’ voort te zetten. Diezelfde neiging kan ontstaan wanneer hij van een specifieke – al dan niet latente – schuldeiser verlost wil worden. Een doorstart-operatie ligt dan voor de hand. De ondernemer koopt via een nieuwe BV de belangrijkste activa uit de faillissementsboedel van zijn oude BV. Alleen de goedkoopste en gezondste werknemers gaan over, de belangrijkste schulden blijven in het ‘sterfhuis’ achter. Een faillissement is daarbij overigens niet altijd nodig. Constateert de aandeelhouder/bestuurder dat er geen baten meer zijn, dan ontbindt hij de BV en doet hiervan opgave bij het handelsregister (art. 2:19 lid 4 BW). Men spreekt dan van een ‘turboliquidatie’. Rekening en verantwoording door een vereffenaar zijn dan evenmin vereist. Dikwijls vindt zo’n turboliquidatie plaats na eerdere overdracht van de activa voor een vriendenprijsje aan de nieuwe BV. Soms geschiedt dit zelfs met gesloten beurs, door verrekening van de koopprijs met een ‘geconstrueerde’ schuld aan de overnemer. Een lastige curator komt er bij zo’n onderling een-tweetje niet aan te pas. De Utrechtse kantonrechter kwam deze praktijk onlangs duidelijk de keel uit. Nadat Buitelaar bemiddelingskosten had betaald aan Vizier Vastgoed OG BV voor de totstandkoming van een huurovereenkomst, bleek hem dat deze ook optrad als bemiddelaar voor de verhuurder. Volgens de wet mag dat niet en Buitelaar wilde zijn geld terug. Vizier Vastgoed OG BV bleek inmiddels echter te zijn ‘geturboliquideerd’. Wel stond sinds medio 2015 Vizier Makelaardij OG BV ingeschreven in het handelsregister, een vennootschap met dezelfde bestuurder/aandeelhouder, gevestigd op hetzelfde adres en werkzaam op identieke...

Aansprakelijkheid van bestuurders van een vennootschap tegenover derden

Als u als mens een fout maakt of schulden maakt die u vervolgens niet terugbetaalt, bent u uiteraard verantwoordelijk voor de gevolgen van wat u hebt gedaan. Deze gevolgen kunnen variëren van boosheid bij andere mensen, een boete of in het uiterste geval zelfs een gevangenisstraf. Als een rechtspersoon een  fout begaat of een schuld aangaat, is dat wat lastiger. Want wie is nu aansprakelijk, de vennootschap of degene die namens de vennootschap heeft gehandeld? Achter elke rechtspersoon gaan één of meer mensen schuil die het beleid van de rechtspersoon bepalen en feitelijk voor en namens de rechtspersoon handelen. Het is altijd de vraag of en in hoeverre deze mensen kunnen worden aangesproken voor fout handelen of schulden van de rechtspersoon namens welke zij hebben gehandeld. Uitgangspunt is dat de vennootschap zelf aansprakelijk is voor bijvoorbeeld schulden die worden gemaakt, maar toch kan het soms gebeuren dat een bestuurder naast (of in plaats van) de vennootschap aansprakelijk wordt gesteld. Een bestuurder van een vennootschap is op grond van de wet verplicht een “behoorlijk bestuur” over de vennootschap te voeren. Het is moeilijk om precies aan te geven wat onder behoorlijk bestuur  dient te worden verstaan. In de loop der jaren is hierover veel geschreven en zijn hierover heel wat rechtszaken gevoerd. Van onbehoorlijk bestuur kan bijvoorbeeld sprake zijn als een bestuurder niet of niet voldoende nagaat of de partij met wie de vennootschap zaken doet wel voldoende kredietwaardig is. In zo’n situatie kan de eigen onderneming financieel in de problemen komen als de contractspartner niet aan zijn financiële verplichtingen voldoet. Je kunt dan stellen dat de bestuurder de onderneming...